Weet u de staat van onderhoud van uw pand?
... lees meer

Persoonlijk, passend en betaalbaar
... lees meer
‘Het is pure noodzaak’
Uitgegeven: dinsdag 31 augustus 2010
Door: Redactie Zeeland Business

Cradle to cradle, je hoort de term steeds vaker. Letterlijk betekent het ‘van wieg tot wieg’, maar hoe ziet het er in de praktijk uit? Brigitte Pommée van het lectoraat duurzaamheid en water van de Hogeschool Zeeland heeft de afgelopen jaren ruimschoots ervaring opgedaan met cradle to cradle in de praktijk.

Het enthousiasme waarmee Brigitte Pommée over duurzaamheid en het cradle to cradleprincipe praat is ronduit aanstekelijk. Eén van de redenen hiervoor is dat ze misschien wel net zo enthousiast is over het boeken van winst voor het milieu als over winst maken voor bedrijven. “Ik heb technische bedrijfskunde gestudeerd en jarenlang in het bedrijfsleven gewerkt. Daardoor kijk ik altijd heel nadrukkelijk naar de vraag vanuit het bedrijf.”

Pommée specialiseerde zich na haar studie in de automatisering van bedrijfsprocessen. Ze werkte bij multinationals als Atos Origin en Philips. Met het midden- en kleinbedrijf is Pommée, afkomstig uit een ondernemersgezin, al van jongs af aan vertrouwd. “Zeven jaar geleden maakte ik de stap naar het onderwijs. In eerste instantie als docent op het gebied van bedrijfskundige informatica. Toen ik de kans kreeg, ben ik doorgegroeid naar duurzaamheid, een onderwerp waar veel aandacht aan besteedt wordt op de Hogeschool Zeeland.” Eén van de vijf lectoraten van HZ, het lectoraat duurzaamheid en water staat zelfs in het teken hiervan. Pommée is nu behalve docent in duurzame vakken ook onderzoeker en projectleider van het cradle to cradleprogramma.

Eerst een groot misverstand uit de wereld helpen over cradle to cradle. Ondernemen volgens het principe is allang niet meer iets voor geitenwollensokken-figuren die de wereld willen redden, stelt Pommée. “Het is namelijk pure noodzaak. Ik geef geregeld presentaties en lezingen aan ondernemers en businessclubs. Eén van de vaste sheets die ik laat zien is een plaatje waarin de voorraden van de belangrijkste grondstoffen in beeld zijn gebracht. Hierdoor realiseren mensen dat we anders om moeten gaan met bijvoorbeeld de metalen in de bodem. De mate waarin we deze grondstoffen momenteel verbruiken, staat absoluut niet in verhouding met de beschikbaarheid.”

Behalve dat het bedrijfsproces op lange termijn in gevaar komt omdat grondstoffen simpelweg over enkele decennia niet meer beschikbaar zullen zijn, is het probleem nu al voelbaar. Pommée: “China ziet dit als een bedreiging en koopt daarom nu enorme voorraden overal ter wereld op. Dat drijft de prijs op de wereldmarkt op. Daar hebben bedrijven hier ook last van.” Het is dus zaak dat de schaarse grondstoffen niet zomaar worden verbrand of op een hoop worden gegooid, maar zó worden verwerkt in producten, dat ze eindeloos te hergebruiken zijn.

Daarbij zijn enkele principes van belang, legt Pommée uit. “Je kunt een onderverdeling maken in technische en biologische kringloop. Om deze stoffen niet verloren te laten gaan, moeten ze in hun afdankfase altijd makkelijk gescheiden kunnen worden.” Een ander punt is dat grondstoffen altijd moeten worden gebruikt in een zo hoogwaardig mogelijke toepassing. “In Nederland doen we vooral aan downcycling. Plastic dat ooit zo zuiver was dat het geschikt was om levensmiddelen in te verpakken, komt nu vaak hergebruikt terug als bermpaaltje.”

Pommée komt geregeld bij bedrijven over de vloer om ze te adviseren over het uitvoeren van cradle to cradleprojecten. “Bedrijven hebben zelf al een idee of zitten juist met een probleem waar ze een duurzame oplossing voor willen. Studenten van verschillende opleidingen aan de Hogeschool Zeeland kunnen hier onderzoek naar doen.” Dat dit zeer voordelig uit kan pakken voor een bedrijf, bewijst een project dat bij Ontop in Middelburg is uitgevoerd.

Pommée: “Ontop is een fabrikant van rookgasafvoeren. Ze zochten een alternatief voor de loodslabben die traditioneel als afdichting worden gebruikt waar de schoorsteenpijp uit het dak komt. Zodra regenwater in aanraking komt met lood, is het vervuild. Daarom is in landen als Oostenrijk en Zwitserland het gebruik van lood al verboden.” Bij een alternatief, moesten de studenten uitgaan van de cradle tot cradleprincipes. “Uiteindelijk is het een bitumensoort geworden. Groot voordeel is dat deze veel lichter is dan lood. Nadeel is dat er alsnog een verbinding nodig is, waardoor het product niet geheel cradle to cradle is. Maar het gaat erom dat je als bedrijf ambitieus bent en ergens naar toe wil werken!”

Met marketing en nieuwe verkoopmethodes kan ook cradle to cradlebedrijfsvoering worden gestimuleerd. “Vooral voor de zakelijke markt, kan het interessant zijn om bepaalde producten zoals meubilair of kantoorinrichting, na een bepaalde tijd weer terug te kopen. Als je je producten dan zo hebt gemaakt dat je alles weer kunt hergebruiken, heb je de hele cyclus zelf in de hand.”

Cradle to cradle
Letterlijke vertaling: ‘van wieg tot wieg’. Alternatief voor het ouderwetse ‘van wieg tot graf’.
De Amerikaanse architect William McDonough en de Duitse chemicus Michael Braungart hebben het principe ontwikkeld en publiceerden in 2002 het boek ‘Cradle to Cradle: Remaking the Way We Make Things’.
In 2009 verscheen een uitgave van de Provincie Zeeland en de Hogeschool Zeeland met als titel ‘Cradle to Cradle in Zeeland’. Hierin zijn meerdere projecten bij bedrijven in de provincie uitgelicht.
De HZ participeert ook in het Europese ‘Cradle to Cradle Island project’. Dit is een samenwerkingsverband tussen 22 partijen uit zes landen aan de Noordzee. Meer info op www.c2cislands.org
Actualiteiten uit Zeeland